Maat, rand en mousseerpunt
Begin bij de gelegenheid. Voor een receptie of een toost waarbij je snel veel glazen vult, werken kleine flutes van 9,5 tot 16 cl het best: je schenkt vaker een kleine hoeveelheid, waardoor niemand met lauwe champagne blijft zitten. Voor aan tafel is 20 tot 26 cl de gangbare maat, waarbij je tot ongeveer twee derde vult. Ruimere flutes van 30 tot 35 cl zijn bedoeld voor wie zijn champagne ook wil ruiken, want daar is de kelk breed genoeg om de geur te laten verzamelen.
Let daarna op twee details. Een dunne, ongeslepen rand laat de bubbels ongestoord de mond in lopen. En veel flutes hebben een mousseerpunt op de bodem, een minuscuul ruw plekje waar het koolzuur zich aan hecht zodat er één nette parelketting ontstaat. Wil je juist het brede, ondiepe model dat sneller zijn bubbels verliest maar meer geur doorlaat, dan staan die apart bij de champagne coupe glazen.